Het Altena's voetpad
In de zeventiende en achttiende eeuw waren in Twente twee soorten bossen te onderscheiden: de markebossen (in gemeenschappelijk bezit) en de landgoedbossen (in privé-bezit). De Twickeler bossen behoren tot de laatste categorie. De oude Hottingerkaart (1787) laat zien, dat er ook op Twickel in die tijd niet veel bos, boerenbosjes, wallen etc. aanwezig waren. Rond Delden en bij het kasteel Twickel liggen enkele boscomplexen. Voor het kasteel ligt langs de (toen net gegraven) Twickelervaart het Twickelerbos en verspreid over het landgoed, bij een aantal havezaten en boerderijen, liggen kleinere boscomplexen. Dit betrof voornamelijk eikenbossen. De rest van het landschap in de wijde omgeving van Delden is cultuurgrond of woeste grond (heide, moeras).
Na de markeverdelingen in de tweede helft van de vorige eeuw zijn steeds meer gronden bebost. Oorzaak hiervan was dat de schapenteelt niet meer winstgevend was door de wol uit Australië en niet meer nodig omdat er kunstmest kwam. Voor het bebossen werden met handkracht ontwateringsloten gegraven en werd grondbewerking toegepast, waarna de voormalige heidevelden vooral met Grove den ingeplant zijn. In deze tijd zijn op de betere gronden ook eikenbossen en gemengde bossen aangelegd.
Door het dichtgroeien van de heidevelden (met berk en grove den) is in de loop van deze eeuw het bosoppervlak op Twickel nog verder sterk toegenomen.
In de periode van 1900 -1940 bestond het bosbeheer vooral uit verzorgende dunningen in jongere opstanden en het weghalen van dode bomen uit oudere bossen. In de tweede wereldoorlog is op last van de Duitsers ca 60 ha bos kaalgekapt (houtvorderingen). Deze kapvlaktes zijn voor een deel ingeplant met snelgroeiende uitheemse boomsoorten. Na 1945 volgde een periode (tot ca. 1975), waarin spaarzaam geoogst is. De bosverjonging gebeurde volgens de toen gangbare inzichten door inplant van uitheemse naaldboomsoorten (Douglas, fijnspar, Japanse lariks) en snelgroeiende loofbomen (populier). De stormrampen van 1972 en 1973 sloegen grote gaten in de oude bossen. Na het overlijden van de barones van Twickel (in 1975) was het de bedoeling om het bosbeheer meer planmatig te benaderen.
Twickel onderscheidt verschillende beheereenheden, vaak gekoppeld aan de bedrijven die in de omgeving staan.
Er staan verschillende oude Twickelboerderijen, waarvan de middenposten in de deeldeuren een stiepelteken vertonen.
De erven waar u tijdens een wandeling langs of over komt zijn erve Altena, Veldsnijder, Obdam, Asbroek en Witveld. De boerderijen laten met hun zwart-witte luiken (blinden) zien dat het hier grotendeels om Twickelgebied gaat.
Het Altena bosdeel.
Het Altenabosdeel ligt in het begin vanaf de parkeerplaats aan de Haaksbergerstraat rechtdoor. De boerderij Groot Altena ligt direct links van de ingang. De verharde weg gaat naar erve Klein Altena. Vlak voor het bos begint het kerkpad richting Stepelo.
Het landgoed Altena verraadt zijn identiteit door veel dikke bomen en een mooie afwisseling van natuur en cultuur, dat wil zeggen een rijk van bos voorzien boerenland.
Altena's bos is een Wintereiken - Beukenbos met oude opstanden van Zomereik. Vanwege de combinatie van hoge natuurwaarden en dito houtteeltkundige waarden is het beheer van het Altena's bos gericht op een combinatie van natuurbeheer en bosbouwkundig beheer. Problemen rond het bosbeheer zijn de slechte vitaliteit van de oude eikenopstanden en de vele Adelaarsvarens die de natuurlijke verjonging in de weg staan. In de komende beheersperiode zullen de meest problematische opstanden kleinschalig verjongd worden (aanplant van Eik).
Beschreven is dat het erve Altena bij Beckum in 1475 vernield is. Er is veel over deze naam geschreven en hij wordt verklaard als 'al te na', gezegd van een erf, een kasteel of sterkte, dat al te dicht bij een ander gelegen was. Het huidige erf Altena dateert van 1844.
Bijzonder is het lange en smalle Altena's voetpad, zeer waarschijnlijk een oud kerkpad. Dit pad leidde naar het gebedshuis (kapelletje) van 't Altena. Vele havezaten en adellijke huizen hadden vroeger een eigen kapel. Bewoners van buurtschap 't Stepelo liepen hierover om bij dit gebouwtje te kunnen komen.
Erve Witveld
Vanaf de parkeerplaats Haaksbergerstraat de eerste weg links gaat naar erve Witveld. Op weg er naar toe staat een lariks productiebos.
Erve Witveld heeft zijn naam te danken aan 'wyt', in het Middelnederlands wytboom of wideboom de Wilg; en dan meer speciaal de katwilg (Salix viminalis). Wilgen groeien bij voorkeur op vochtige plaatsen.
Beheerseenheid Asbroek
Het Asbroek ligt in het uiterste zuiden van het landgoed Twickel. Het natuurterrein omvat ca. 47 ha, waarbij op relatief korte afstanden grote bodemkundige en waterhuishoudkundige verschillen voorkomen. Langs de gekanaliseerde Hagmolenbeek komt oud loofbos voor (Wintereiken-Beukenbos met veel Huist).
Het noordelijk deel bestaat uit (zeer) natte heidevelden met enkele vliegdennen en op de hogere delen grove dennen bossen. De heidevelden zijn plaatselijk sterk vergrast en het oostelijke deel is geheel met grove den dichtgegroeid. De bossen hebben een aanzienlijke dunningsachterstand. Het beheer van dit oude loofbos is sinds 1982 niets doen (reservaat). In de veldbossen zal het aandeel van de inlandse loofbomen door dunningen vergroot worden.
Het zuidelijke deel bestaat uit een zeer fraaie es, omgeven door loofbos. De oostelijke rand bestaat uit grove dennen bos met een grote dunningsachterstand. De laagste delen zijn begroeid met berken- en elzenbroekbos. Op de overgangen naar de cultuurgronden komt in de bosranden veel hulst voor. De cultuurgronden zijn zeer fraai gelegen, maar zijn in intensief beheer bij verschillende pachters.
Voorkomende plantensoorten zijn o.a. klokjesgentiaan, kleine zonnedauw en veenmos.
De mooiste hoeve is die van Asbroek, daterend uit 1845. Op het erf staat een door klimop begroeide bakspieker; een gebouwtje met een oven, waarin de boeren vroeger hun brood bakten. Sommige van de namen geven aan dat het terrein erg vochtig geweest moet zijn.
Erve Asbroek is al in 1457 bekend in Beckum. 'As' is een variant van de boomsoort 'es'. Een 'asbroek' was een moerassig land (broek), waarin of waarlangs deze bomen groeiden. Erve Obdam is te vergelijken met Asbroek; beide kunnen betekenen 'op 't broek of moeras'.
Beheerseenheid België en Stepelerveld
Aan de zuidkant van het Altena ligt het gebied België en het Stepelerveld.
Het gebied België betreft jong grove dennenbos (omgevormd Grove den - en Lariksbos van slechte herkomst). Dit gebied heeft een productiefunctie Deze bossen zullen in de toekomst bosbouwkundig behandeld worden. Het Stepelerveld betreft een recente aankoop van Natuurmonumenten. Dit betreft deels oude Grove dennenbos (met veel natuurlijke opslag), deels zijn het jonge opstanden van voornamelijk naaldhoutexoten. Vanwege de combinatie van hoge natuurwaarden en belangrijke houtteeltkundige waarden is de functie van dit gebied multifunctioneel Het bosbeheer is gericht op multifunctioneel bos met het accent op inlandse houtsoorten (geïntegreerd bosbeheer).
In deze beheerseenheid ligt erve Obdam.
Achter het erve Obdam gaat de zandweg pal langs een geweldige eik, waarvan de stam aan de achterzijde zó hol is dat er wel twee personen in passen. De wandeling gaat ook over een mul karrenspoor door een bebost geraakt heidegebied, waar tussen berken en vliegden toch nog vooral wat gewone dophei is overgebleven.
Bentelerzijde
Deze planeenheid ligt ten zuidwesten van het Altena bos. Het betreft voornamelijk vochtige heidevelden (Keizersveld, Beundersveld e.a.) omringd door veldbossen. De functie van dit gebied is natuurbeheer. Het beheer van de bossen is gericht op het vergroten van het aandeel loofbomen en het creëren van geleidelijke overgangen van bos naar heide.
Het keizersveld is ca. 13 ha groot en bestaat uit een groot open heideveld met daaromheen een bosgordel. De open kern bestaat uit een dopheide vegetatie met kruipwilg, bos- en vossebes en gagel, zonnedauw en snavelbiezen. Plaatselijk zijn enkele delen vergrast. Het veld is open, slechts een klein deel is dichtgegroeid met grove den of berk. Het heideterrein is vanouds als broedgebied bekend van de wulp, nachtzwaluw en sprinkhaanrietzanger, maar deze soorten zijn nier verdwenen.
Planten die we kunnen tegenkomen bij en langs het Altena's voetpad: mispel, geoorde wilg, wilde gagel, grove den (vliegden), hulst, knopig helmkruid, robertskruid, veldereprijs, bosveldkers, kleine veldkers, pinksterbloem, blauwe en rode bosbes, gewone dophei, rankende helmbloem, gewone vlier, trosvlier, vogelkers.
Vogels
In het gebied van het Altena's voetpad komen bijna alle in Twente voorkomende vogels voor. Dit zijn zo'n 90 soorten. Zeer veel te zien en te horen zijn (afhankelijk van het jaargetijde): buizerd, kievit, fitis, groene - bonte en zwarte specht, tjiftjaf, kraai, koolmees, boerenzwaluw, gewone en zanglijster, alle meessoorten (staart, kool- pimpel- zwartkop enz).
Bijzondere bomen
Tussen erve Asbroek en Klein Altena staat op de hoek bij het zandpad een zeer oude eik. Deze is vermoedelijk 200 jaar oud.
Langs het zandpad staat een sterk vergroeide en vertakte grove den in innige samenleving met een eik.
Rondwandelroute: (is ook goed te fietsen)
- Ga bij de parkeerplaats het gebied in.
- Volg de verharde weg tot de bosrand.
- Ga voor de bosrand rechts het kerkpad.
- Volg het kerkpad ongeveer 2 km.
- Bij verharde weg:
- Na het huis: 1 ste weg links
- Volgende weg weer links en deze weg blijven volgen.
- Bocht naar rechts: u komt over een boerenerf.
- Volg de weg: bij 3 sprong links.
- (Als u bij de driesprong rechtdoor gaat komt u bij de oude eik en bij Erve Asbroek. Ongeveer 25 m op de weg tegenover Erve Asbroek ziet u de Hagmolenbeek .
- Ga dezelfde weg terug en bij de driesprong gaat u nu rechts)
- Volg het zandpad rechtdoor. U komt vanzelf bij Klein Altena.
- Passeer het erf en volg de verharde weg.
- U komt nu weer terug op de parkeerplaats.
Tekst en route: Lia en Han van Hagen, IVN Haaksbergen.