Zoeken op Natuurlijk.nlHome: Natuurlijk.nlHelp: Natuurlijk.nlInformatie: Natuurlijk.nlEmail: Natuurlijk.nl
    Natuur  Tuinen  Molens  De boer  Eropuit  Wandelen  Fietsen  Varen  Actief  Agenda

Menu

Zoeken  Abonneren  Organisaties  
  Startpagina
Vorig menu

  

 (Advertentie)

Met één KLIK!!
Vakantiehuizen in bijna heel Europa en Florida. 20.000 Vakantiehuisjes online.
http://www.toprentals.nl
Luxe vakantiehuizen!!
TopRelais: Meer dan 4000 schitterende vakantiewoningen
www.boekingsservice.nl
Naar Scandinavië?
De grootste keuze in vakantiehuisjes in Denemarken.
www.tophomes.nl
 
 

Lions wandelroute Haaksbergerveen met natuur en landschapsinformatie (5 km)

Algemeen: watervast schoeisel is bijna altijd noodzakelijk.
De totale route is ongeveer 5 km.
De auto parkeren op de parkeerplaats Niekerkerweg (tegenover kwekerij Nijhof). Route wordt gemarkeerd door palen met een witte kop.
Start van de beschrijving van de wandelroute is vanaf de hoek van de Veenweg, ongeveer 600 m van de parkeerplaats bij Lionsroutepaal 1.

 

bulletStart bij paal Lionsroute no 1: Om bij de start te komen: loop langst het fietspad van de Veenweg. Bij paal no 1 rechtsaf. Na 50 m ziet u het bordje Haaksbergerveen van Staatsbosbeheer. Het eerste gedeelte gaat door een nat bos.
bulletNa ongeveer 400 m bereikt u een hoger liggend pad. Dit kommiezenpad is de grens met Duitsland. U gaat hier linksaf en volgt dit pad ongeveer 700 m.
bulletNa 200 m komt u een grenssteen tegen: daar staat paal no 2. Aan het einde van het pad komt u bij het eigenlijke hoogveengebied. U moet een enkele meters omhoog om bij het pad te komen. Hier staat Lionsroutepaal no 3 en een (verkeerd geplaatst) route paneel.
bulletVolg het pad rechtdoor. Na ongeveer 400 m komt u bij Lionsroutepaal no 4. Op de hoek gaat u linksaf. Dit is een oorspronkelijke hoogveenrug die voor een deel ook met zand is opgehoogd. Over deze rug werd de turf afgevoerd.
bulletBij Lionsroutepaal 5: Bij de zandrug linksaf het pad volgen. Dit pad wordt ook wel het Dievelaarspad genoemd. Bij de eik op de hoek links aanhouden.
bulletBij Lionsroutepaal no 6: links. U loopt nu tussen het riet en veel wilgen . Na 200 m komt u over een smal bruggetje.
bulletBij Lionsroutepaal no 7: rechts. Er is hier een overloopsysteem voor het water. Aan het eind van het pad gaat u links. Na 150 m komt u langs het hek en steekt u de Veenweg over naar het bospad. Dit bospad volgen en na 600 m komt u weer bij de parkeerplaats.
Algemene informatie

Het Haaksbergerveen is vele eeuwen geleden door toevallige omstandigheden ontstaan. In de bodem zit een ondoordringbare keileemlaag waardoor het water niet wegzakt. In het Haaksbergerveen is er sprake van een hoogteverschil van bijna 4 m tussen het hoogste en het laagste punt. Bij de Niekerkerweg staat u op het laagste punt.

Het Haaksbergerveen is eigendom van Staatsbosbeheer. Het is een waardevol natuurgebied, waar een aantal zeldzame vogels in voorkomt en waarin een grote diversiteit aan vlinders, libellen, insecten, reptielen en amfibieën te vinden is. Veen bestaat grotendeels uit plantenresten die maar voor een deel vergaan zijn. Dat gebeurt als plantenmateriaal van de lucht wordt afgesloten waardoor het rottingsproces stopt.

Voor de vorming van hoogveen is het veenmos noodzakelijk. Veenmos heeft een tweetal unieke eigenschappen:

bulletDe plant kan 10-40 x zijn eigen gewicht aan water vasthouden
bulletVeenmos kan leven in water waarin bijna geen voedsel voorkomt. In voedselrijk water gaat veenmos dood.

Veenmos heeft geen wortelstelsel. Omdat er in het veen alleen regenwater komt zijn alleen die planten overgebleven die in zeer voedselarme omstandigheden nog in leven kunnen blijven.

Lionsroutepaal no 1: Dood hout brengt nieuw leven

In dit gedeelte van het bos ziet u veel dood hout. Dood hout leeft. In dood hout zitten talloze insecten, torren en kevers die als voedsel dienen voor vogels zoals de zwarte, de groene en de bonte specht. De boomklever en de boomkruiper leven van insecten op de stam.
Het is een bos waar veel berken met hun voeten in het water staan en daarom zijn er ook veel dode berken. Op sommige dode berken zitten witte uitsteeksels.
Wie goed kijkt ziet dat er twee soorten zijn. Het grote (zachte) witte uitsteeksel is de berkenzwam.Vroeger werd die ook wel de berkendoder genoemd, omdat de zwam altijd op dode berken voorkwam. Dat is echter onjuist. De berkenzwam kan alleen binnendringen als de berk al sterk verzwakt is. De berkenzwam toont dat er binnen de boom een heel netwerk aan zeer dunne schimmeldraden aanwezig is, die het hout verteren.
Daarnaast is er de (harde) tonderzwam. Hij ziet eruit als een omgekeerde halve kelk met jaarringen: ieder jaar komt er een ring bij. Deze zwam kan keihard zijn.
Verder is de bodem bedekt met het pijpenstrootje. Dit is een polvormige plant met lange uitsteeksels. De plant dankt zijn naam aan het gebruik in de pijpindustrie: een kluwen strootjes vormde het gat in de pijp. Bij het bakken van de pijp veraste het strootje en bleef een gaatje over. Daarnaast komt er pitrus voor. Dit is een groene harde rietachtige stengel. Het witte binnen gedeelte werd vroeger gebruikt als lampenpit.Vandaar de naam pitrus.

Op het kommiezenpad ziet u aan uw linkerhand een nat eikenberkenbos. Er zijn dode bomen met een heleboel zwammen. Dit zijn allemaal schimmels. Alleen schimmels zijn in staat om het hout te verteren, waardoor de grondstof opnieuw in de kringloop komt.
Het is voor vogels een belangrijk voedselgebied waar ook de winter goed kan worden doorgebracht.
Aan de rechterkant ziet u dat er in het Duitse gebied nog volop landbouw wordt bedreven. Dat betekent ook dat er meststoffen in het veen komen. Naast de stikstofrijke regen is dit een van de oorzaken van de rijke groei van pijpenstrootje, pitrus, brandnetel en bramen.

Lionsroutepaal no 2

Bij Lionsroutepaal no 2 ziet u een grenssteen staan. Aan de ene kant ziet u een O van Oversticht of Overijsel en aan de andere kant de M van Munsterland. Deze grensstenen staan al sinds 1773 langs de hele grens met Duitsland. Ze hebben allen een nummer.
Onder het pad ziet u een sloot; deze wordt gebruikt als afwatering van het veengebied richting Berkel. Aan het donkerbruine water is de naam koffiegoot te danken.

Lionsroutepaal no 3. 

Aan het einde van het kommiezenpad komt u bij het eigenlijke hoogveengebied. U moet een enkele meters omhoog om bij het pad te komen. Daar staat een (verkeerd geplaatst) routepaneel.

Direct aan het begin van het bosopslag rechts ziet u in het water een pijp waarin veenwater naar de lager gelegen koffiegoot stroomt. Die pijp is onderdeel van het systeem waarmee het waterpeil in het Haaksbergerveen beheerst wordt.
Water speelt een belangrijke rol bij het herstel van het hoogveen. Het waterpeil in het veen moet constant zijn met zo weinig mogelijk stroming. Er is echter in het veen een hoogteverschil van in totaal 4m. Om dat hoogteverschil te overbruggen zijn dijken aangelegd. De dijken kunnen een hoogteverschil van 40 - 60 cm in standhouden. Om overstroming van een dijk te voorkomen zijn er in de dijk overlooppijpen: als het teveel regent wordt het water van het ene dijksegment naar een lager gelegen volgend dijkgedeelte geloosd. Op meerdere plaatsten kunt u deze overlooppijpen zien. Dit wordt een sawah-systeem genoemd. Het afgevoerde water komt uiteindelijk deels in de Berkel en deels in de Schipbeek terecht.

Lionsroutepaal no 4

Volg het pad rechtdoor tot Lionsroutepaal no 4. (ongeveer 400 m)
U loopt over een nieuw aangelegde dijk. Een aantal dijken is aangelegd met zand uit het Twentekanaal. Daardoor ziet u nu planten die in het veen niet thuishoren.
Rechts ligt het Ammeloër Venne, een natuurschützgebiet van 70 ha. Het beheer aan Nederlandse en aan Duitse zijde is op elkaar afgestemd, met name de waterhuishouding. In het Duitse gebied liggen wat meer weilanden die langzamerhand allemaal aangekocht zijn. Vanwege de weilanden zijn de (grauwe) ganzen vooral daar aanwezig.
U ziet diep uitgegraven plassen met dode (verdronken) berken. Dit is een welbewust beleid. Een belangrijk doel bij het beheer is een gelijkmatig waterniveau. Het probleem is dat er in de winter veel regen valt en dat moet worden afgevoerd. In de zomer is er sprake van te veel verdamping en dat moet dus worden voorkomen. Een bos verdampt 2 x zo veel water als een gras- of pijpenstrootjes terrein. Daarom moeten er zoveel mogelijk bomen verwijderd worden. Dit verwijderen gebeurt deels met de hand en deels door de bomen onder water te zetten. De resultaten daarvan, stervende berken, ziet u op meerdere plaatsen in het veen in allerlei stadia.
Het riet aan de linkerkant duidt op voedselverrijking waarvan de oorzaak onbekend is. Het kan zijn dat er een lekje in de keileemlaag zitten waardoor er sprake is van kwelwater.

Bij Lionsroutepaal no 4 staat de volgende grenssteen. Dit is een plek om even bij stil te staan. Aan de ene kant ziet u riet en aan de andere kant van het dijkje geen riet. De scheiding is heel scherp. Op die plek ziet u ook een prachtig voorbeeld van een veenmosdeken die in het water drijft. Op de veenmosdeken is niet te lopen. U ziet verschillende soorten veenmos en de veenmosdeken is al zo dik dat er ook al weer berken en andere planten op groeien.

Route: Op de hoek gaat u linksaf. Dit is een oorspronkelijke hoogveenrug.
Halverwege deze 500 m lange weg zitten veel ondiepe veenputten. In zo'n veenput is nog goed te zien hoe het turfsteken in zijn werk ging.

Lionsroutepaal no 5, bij de bank

Aan het einde van de weg komt u op een zandrug die dwars door het veen loopt. Op de hoek ziet u varenopslag. Deze (adelaars)varenopslag is vermoedelijk ontstaan doordat daar de turf werd opgeslagen. Turf bestaat uit onverteerde plantenresten. Er ontstaat daar dus voedselverrijking waardoor de varen een kans krijgt. Langs de gehele zandrug ziet u veel varens omdat deze zandweg gebruikt werd om het turf af te voeren. De bank is in de lente een goede waarneempositie voor de roodborsttapuit en het paapje. In de maanden april en mei ziet u ook de prachtige baltsvluchten van de boompieper.

Route: Bij de zandrug linksaf het pad volgen. Dit pad wordt ook wel het Dievelaarspad genoemd. Aan uw rechterhand stond vroeger bos. Om verdamping in de zomer tegen te gaan is dit bos gekapt: een boom verdampt 2 x zoveel water als pijpenstro. Het succes is zichtbaar want in de waterplassen komt alweer veenmos voor. In de maand april - mei kunt u vooral hier het veenpluis en het wollegras bewonderen.
Bij de eik links. U loopt over het Dievelaarspad. Links en rechts is goed te zien dat het een echte zandrug is, waarop behoorlijk grote eiken en berken staan. In dit bosgedeelte komen in het voorjaar veel vogels voor zoals de geelgors, de fitis, de tjif-tjaf, de roodborst en bijna alle mezensoorten. Als ondergroei vindt u adelaarsvaren en blauwe bosbes.

Lionsroutepaal no 6: linksaf. 

U loopt nu tussen het riet en veel wilgen. Na 200 m komt u over een smal bruggetje.
Het riet en de wilgengroei duiden erop dat het water hier niet erg voedselarm is. Dat betekent dat er ook bijna geen veenmos groeit. Op een paar plaatsen ziet u in het water zelfs fonteinkruid. Dit rietgedeelte is een paradijs voor watervogels als de meerkoet en de doodaars. Daarnaast komen in het riet de rietgors en de karekiet voor.
Dit is ook een geliefd gebied voor de adder die zich hier graag door de zon laat opwarmen en bij onraad direct het water in kan vluchten. De in het Haaksbergerveen voorkomende adder is eilevendbarend. Dat wil zeggen dat de eieren in het lichaam van het vrouwtje blijven tot ze uitgebroed zijn. Dat is noodzakelijk omdat de zon in Nederland onvoldoende schijnt om de eieren uit te broeden. Er is dus een selectie in de soort opgetreden om te kunnen overleven. De vrouwelijke adder is ongeveer 80 cm groot en het mannetje 60 cm. Kenmerkend is de zwarte streep over de rug. De adder voedt zich met kikkers, mollen en muizen die hier in overvloed aanwezig zijn. Het is voor een adder overigens niet ongevaarlijk om breeduit te gaan liggen zonnen: een buizerd is niet bang en erg snel.

Lionsroutepaal no 7: hier staat een bank: rechtsaf

Op de viersprong is een overloopsysteem voor het water te zien. Het water stroomt de grote weide in die inmiddels helemaal vol pitrus staat. Hier stond het paard van Wientjes de turfrijder. In dit gedeelte komen veel waterjuffers en libellen voor. Om die reden is de boomvalk hier van eind april tot eind augustus regelmatig waar te nemen. In de Wientjesweide zitten ook buitengewoon veel kikkers. Kikkers kunnen op het land leven maar kenmerkend is dat ze in het water geboren worden en voor de voortplanting ook naar het water terugkeren. Voor de kikker is het een belangrijke eis dat het water schoon is. Bij de voortplanting van de kikker zitten de eitjes beschermd in een geleiachtige massa, het dril. Als de temperatuur van het water voldoende hoog is, ontwikkelen de eitjes zich snel; na enkele dagen kunnen de larven al ademen en weer enkele dagen later gaan ze op zoek naar kleine waterplanten om zich te voeden.
De soorten kikker die in het Haakbergerveen voorkomen zijn de groene kikker, de bruine kikker en de heikikker. De bruine kikker en de heikikker paren omstreeks half maart. Het mannetje van de heikikker wordt dan gedurende enkele dagen hemelsblauw. De heikikker is zeer selectief in zijn biotoop en heeft een voorkeur voor een zurig-veenachtige grond. Het is een sterk bedreigde soort. De groene kikker wordt ook wel de boerennachtegaal genoemd door de enorme hoeveelheid geluid die hij met zijn twee kaakblazen weet te produceren. Ze hebben een goede schutkleur en op de groene ondergrond van het veen zijn ze daardoor moeilijk waar te nemen. Kikkers voeden zich met insecten en andere kleine dieren.

In dit gedeelte van het veen zitten ook de nodige muskusratten. Met name in de winter zijn hun burchten te zien. Het lijken wel composthopen die in het veen liggen. De ingang van het nest is onder water. De jongen liggen droog en in de winter is het er goed toeven. Op de muskusrat wordt stevig gejaagd omdat zij de dijken doorknaagt waardoor het water kan wegstromen.
Aan de linkerkant is heel erg mooi te zien dat door verhoging van de waterstand de berken het niet meer kunnen redden. Hier zijn alle stadia van het afsterven goed te zien.

Route: Aan het eind van het pad links. Na 150 m loopt u langs het hek en steekt de Veenweg over naar het bospad. U volgt dit bospad en na 600 m komt u weer bij de parkeerplaats. 

Het bos waar u nu doorloopt bestaat uit een gemengd eikenberkenbos met wat grove den erin. In de struiklaag staat her en der een vuilboom.
Eiken werden vroeger veel aangeplant. De eik was zeer populair omdat alles van deze boom te gebruiken is. Het hout is duurzaam. Eikenhout werd gebruikt als gebruikshout (hakhout, palen, masten). Bij het leerlooien werd de schors gebruikt en de eikels dienden als voer voor de varkens. Door de penwortel was er rond het huis een functie als bliksemafleider. Eiken werden ook gebruikt om gebieden af te bakenen (grenseiken).
In dit bosgebied komen veel spechten voor. Zowel de zwarte als de groene als de bonte specht zijn soms te zien en meestal te horen. Als er in een boom meerdere gaten zitten, dan is dat meestal het werk van de groene specht; deze maakt meerdere appartementen. De groene specht heeft net als de zwarte specht een kenmerkende lach. Als u alleen maar hoort kloppen dan is daar vrijwel zeker de bonte specht aan het werk.

Turfsteken en turf

De ontginning van het veen of wel de winning van turf verschilt van plaats tot plaats en is afhankelijk van de omstandigheden. Hoogveen levert lange bruine turf, in de laaggelegen veengebieden is gebaggerd, wat korte zwarte turf oplevert.

De ontginning van het hoogveen gaat als volgt: door het graven van sloten wordt het hoogveen eerst oppervlakkig ontwaterd. Daarna wordt de bovenste aarde, de bonkaarde, verwijderd en opgeslagen. Deze bonkaarde wordt later door de onderliggende zandgrond gemengd, waardoor een betere structuur ontstaat en de grond geschikt wordt (na bemesting) voor akkerbouw met name aardappelteelt. Dit wordt dalgrond genoemd. Onder de bovenste laag ligt het grauwveen, ook wel witveen genoemd. Hieruit wordt het zogenoemde bolstersturf gemaakt dat alleen geschikt is als aanmaakturf of turfstrooisel. Vervolgens bereikt men het zwartveen, het echte veenmosveen, dat de zwarte turf of steekturf levert. Dit is als brandstof geschikt

De geschiedenis in het kort

U vindt me op Wandelpad.nlEr is in het Haaksbergerveen nooit op grote schaal turf gestoken. Behalve in de periode 1840 - 1860. De turf werd gebruikt in de toen opkomende textielindustrie. Daarvoor en daarna werd er alleen turf voor eigen gebruik gestoken. Toch was er behoorlijk veel ruzie om de goede plekken met veel turf. De naam Twistveld en namen als Krakeelsweg en Hellenveldweg herinneren hieraan. Vlak voor de Tweede Wereldoorlog is het veen onteigend om het door werklozen te laten ontginnen. Door de oorlog is de ontginning niet doorgegaan.
De resterende 500 ha (dat wil zeggen en stuk van 2 bij 2,5 km) is het huidige natuurreservaat het Haaksbergerveen. Vanaf 1969 zijn er door Staatsbosbeheer in het veen herstelwerkzaamheden uitgevoerd die erop gericht zijn het veenmos weer te laten groeien. Daarvoor moet het gebied zo vochtig mogelijk gehouden worden. Om het water te kunnen vasthouden zijn er dammen ingelegd en om verdamping tegen te gaan wordt de berkenslag verwijderd.

Uitgave: Lions Haaksbergen in samenwerking met Staatsbosbeheer.
Tekst: IVN Haaksbergen

 

 

 

     

  ©Design

Natuurlijk.... Overijssel! is een initiatief van Berkers & Grootenhuis | Korhoen 11 | 8103 CK RAALTE

 

Tip een viend(in) over Natuurlijk.... Overijssel! Tip een Vriend!
Voeg Natuurlijk.... Overijssel toe aan uw Favorieten.

 OutdoorGeologieNatuur.nl | Fietspad.nl | Wandelpad.nl | Ruiterpad.nl | Wereldpagina.nl | Vakantieglobe.nl | Copyright  | Disclaimer

eXTReMe Tracker

Natuurlijk.nl wordt gesponsord  door  TopRelais: Voor een authentieke vakantiehuis | TopHomes: Vakantiehuisjes in 22 landen | TopRentals: Vakantiehuizen in Afrika, Amerika, Azië en Europa | Wereldpagina: Reisgids met vakantiewoningen en appartementen | Vakantieglobe.nl: Vakantiehuizen op de kaart