Startpagina Vorig menu 

| De Noetselerbergwandeling
|
Let op: Deze
route is al enkele jaren oud. De situatie kan hier en daar veranderd
zijn. |
De Noetselerbergwandeling is een van de drie gemarkeerde wandelingen die starten bij het bezoekerscentrum De Sallandse Heuvelrug van Staatsbosbeheer. De wandeling is 4 km lang en gemarkeerd met blauwe paaltjes. Het grootste deel van de wandeling loopt u door bossen. Uiteindelijk komt u op de top van de Noetselerberg. Vanaf daar heeft u een schitterend uitzicht. Daarna gaat het weer langzaam bergafwaarts tot u weer bij het Bezoekerscentrum uit komt. Het Bezoekerscentrum ligt aan de doorgaande weg Raalte-Nijverdal, vlak voor de bebouwde kom van Nijverdal. Op het parkeerterrein staat een bord met de verschillende wandelroutes er op. Dit is ook het vertrekpunt van deze route.
|
| 1 | De Sallandse Heuvelrug is pas sinds het begin van deze eeuw bebost. De eeuwen daarvoor waren hier alleen uitgestrekte heidevelden. De meeste bossen zijn aangelegd door rijke textielfabrikanten uit Twente. In het begin van deze eeuw waren de heidevelden voor een appel en een ei te koop. De moderne uitvinding van de kunstmest maakten de schapen en dus ook de heidevelden overbodig. De bossen werden aangeplant voor het hout, maar zeker ook voor het plezier van de textielbaronnen, het plezier van de jacht op grootwild. De bossen waar u nu doorheen loopt zijn duidelijk veel jonger. De oudere bossen bestaan meestal uit één soort naaldboom, de stammen strak in het gelid. Hier staan naald- en loofbomen kris kras door elkaar heen. |
| 2 | Wandelend door het bos zult u enkele keren een gietijzeren deksel tegenkomen op een betonen voet. Dit zijn ongeveer 55 meter diepe waterputten. Op deze diepte wordt grondwater opgepompt. De Sallandse Heuvelrug heeft een belangrijke functie in de drinkwatervoorziening van Salland. Regenwater zakt door het zand en grind van de Heuvelrug vrij gemakkelijk naar beneden. Het zand werkt als een filter. Het water dat hier opgepompt wordt, heeft een prima kwaliteit. |
| 3 | Knotwilgen kennen we allemaal. De grillig gevormde bomen die u nu ziet zou je knoteiken kunnen noemen. De uitlopers werden steeds, als ze dik genoeg waren, afgezaagd. De boeren uit de omgeving gebruikten de stammen als brandhout en als timmerhout. Van de bast werd run gemaakt. Run is een stof die noodzakelijk was om leer te looien. De leerlooiers maalden de eikenschors en lieten de snippers daarna in water weken. In dit bad werden de huiden ondergedompeld. Aan de voet liepen de eiken steeds opnieuw uit. De eiken worden nu niet meer geknot. De nieuwe loten zijn uitgegroeid tot volwassen stammen. |
| 4 
| De top van de Noetselerberg ligt 57,5 m boven NAP. Naar het oosten heeft u een schitterend uitzicht over Twente. Het uitgestrekte heidegebied aan de westkant is de Haarlerberg en de Koningsbelten. In het midden van het heidegebied lag een bos. Nog niet zo lang geleden is dit gekapt. Als u goed kijkt ziet u op regelmatige afstand van elkaar de boomstronken nog. Dit is het leefgebied van de grootste korhoenpopulatie van Nederland. De grootste van Nederland, toch leven hier slechts zo'n 50 korhoenders. Om de korhoenders een groter leefgebied te geven, is de heide uitgebreid. |
| 5 | Let op de terugweg goed op de bomen om u heen. Niet te missen zijn de ruim honderd jaar oude beuken en eiken. Bij de jongere bomen kunt u goed zien dat naaldbomen snelle groeiers zijn. Ze toornen hoog uit boven de even oude loofbomen. Boswachter, wat een rommeltje. Waarom ruimen jullie al dat dood hout niet op in het bos? Staatsbosbeheer streeft naar een meer natuurlijk bos. Niet alleen worden er verschillende boomsoorten aangeplant. Het dode hout dient als voedsel voor bijvoorbeeld schimmels en insecten. Kom in de herfst nog maar eens terug. U zult zien hoeveel paddestoelen op het half verrotte hout groeien. |
 | Nog niet genoeg gewandeld? De Twilhaar- en de Rietslenkwandeling zijn zeker ook de moeite waard.
 |