|
| | De natuurgebieden van HellendoornZoals overal in Nederland staat ook in Salland de natuur onder druk. Toch zijn er nog plekjes genoeg die de moeite van een bezoek waard zijn. Wij hebben ze allemaal voor u op een rij gezet. Landschapselementen DaarleU vindt het gebied ten oosten van Hellendoorn. Hiertoe behoren een paar natuurontwikkelingsgebiedjes aan de oostoever van de Regge en het reservaat Bruine Veld. Het laatste is een vochtig heidegebied waar Staatsbosbeheer begonnen is met herstelbeheer nadat het gebied door ernstige verdroging een groot deel van zijn waarde verloren had. Bij gebrek aan paden zijn ze nauwelijks toegankelijk. Wierdense Veld Het Wierdense Veld is een hoogveengebied, waar zich onder voedselarme omstandigheden mosveen heeft gevormd. Voor een deel is dit veen door turfwinning verdwenen. Plaatselijk komen echter hier en daar nog onverveende gedeelten voor. In dat laatste geval vindt men een bolsterlaag van 40-50 cm of jong mosveen rustend op oud mosveen. Op plaatsen waar turf is gestoken, is het veen tot wisselende diepte weggehaald, soms zelfs tot aan de zandondergrond. We treffen in het Wierdense Veld enkele veenputten aan met een fraaie vegetatie. Het reservaat is rijk aan vogels. Wierden, ten oosten van Wierden
 |
De Sprengenberg Onderdeel van de Sallandse Heuvelrug. Bossen en grote heidevelden. Dit is het enige gebied in Nederland waar nog korhoenders voorkomen. In een deel van de Sprengenberg grazen schotse hooglanders. Eigendom: Natuurmonumenten Wandelen: Toegestaan, behalve in de baltsperiode van het korhoen Ligging: Ten zuidoosten van Haarle
 |
Sallandse Heuvelrug: Eelerberg, Haarlerberg, Noetselerberg De Sallandse Heuvelrug is een langgerekt stuwwalcomplex. Voor Nederlandse begrippen grote hoogteverschillen, uitgestrekte bossen en grote heidevelden. Eigendom: Staatsbosbeheer Wandelen: Toegestaan, gemarkeerde routes Ligging: Tussen Hellendoorn en Holten

|
Landgoed Schuilenburg Schuilenburgerweg 54, Hellendoorn, 0548-681782. Gezien de vele eeuwen dat er hier een hoofdgebouw heeft gestaan, is het moeilijk aan te geven met welke naam het gebouw aangegeven moet worden. Er zijn verschillende benamingen in gebruik, zoals waterburcht, slot, kasteel, havezathe en huis en misschien nog wel meer. Elke benaming is gerelateerd aan een bepaalde periode uit de geschiedenis of ontwikkeling. Kasteel lijkt voor Schuilenburg de meest passende benaming, zeker in de eerste eeuwen. Een havezate wordt over het algemeen geplaatst in de 16e en 17e eeuw en wordt gekenmerkt door brede lanen en siertuinen en de nodige pracht en praal, hetgeen bij een kasteel als vesting niet gebruikelijk was. De titel havezate is vanwege de rechten wel van toepassing op Schuilenburg, maar niet vanwege zijn ligging en oorlogsverleden. De brede oprijlanen en grote, vaak symmetrische siertuinen ontbraken, hoewel er wel iets moois van gemaakt zal zijn. Tot in het begin van de 17e eeuw moet het een goed verdedigbaar kasteel zijn geweest en kan er geen sprake zijn geweest van een sierlijk huis. In de sfeervolle verduisterde wagenschuur van Schuilenburg vertelt sagenverteller Harm u allerlei huiveringwekkende en vrolijke verhalen van vroeger over onder andere de witte wieven, de duivel en de wolvenjacht.De verhalen worden aangevuld met allerlei theatereffecten, die ervoor zorgen dat de verhalen ook echt gaan leven. Helaas lopen lang niet alle verhalen goed af. Vooraf aan de vertellingen neemt Harm u mee over het heringerichte kasteelterrein.

| |
|